Roofvogelproblematiek Deel 2 - Martin van Zon

Roofvogelproblematiek Deel 2 door Martin van Zon

woensdag 2 mei 2018

Hoewel de volwassen havik een zeer schuwe vogel is en bij mij nooit op of dicht bij het hok komt maakt de jonge havik er soms een potje van. Door honger gedreven, zodra hij voor het eerst zijn eigen kostje bij elkaar moet scharrelen, hangt hij regelmatig aan de ren van één van mijn hokken. Wat dat voor impact op de duiven heeft hoef ik denk ik niet uit te leggen.

Een bizar voorval hoorde ik van Joseph Poelstra uit Utrecht. Joseph is niet alleen een duivenliefhebber, maar ook een dierenliefhebber. Hij woont dicht bij het landgoed Amelisweerd. Tijdens een bezoek aan een duivenliefhebber zag hij dat de vrouw des huizes een nestje jonge Jack Russel terriërs had gefokt. Joseph besloot zo’n prachtige klein puppy te kopen en voor zijn gezin mee te nemen. Groot was de vreugde bij de familie Poelstra toen Joseph met de Jack Russel pup thuis kwam. Maar die vreugde sloeg niet veel later om in afschuw toen vlak voor hun neus een (vermoedelijk) havikvrouwtje  er met het vrolijk spelende puppy vandoor ging. De stomverbaasde familie Poelstra ontredderd achterlatend. U kunt het zich vast wel voorstellen wat een impact zoiets heeft op het hele gezin.

De roofvogel die voornamelijk in de winter en het vroege voorjaar veel duiven slachtoffers maakt is de sperwer. Alleen het sperwervrouwtje is in staat om een duif te slaan. Het mannetje is namelijk een stuk kleiner en als je ze naast elkaar ziet zou je denken dat het twee verschillende roofvogels zijn, zo groot is het verschil tussen sperwervrouwtje en mannetje. De pootjes van een sperwermannetje zijn niet veel groter dan van een merel en zijn dan ook alleen geschikt om kleinere vogeltjes te kunnen pakken. Het vrouwtje jaagt voornamelijk op kleinere vogels, maar soms gaat het vrouwtje over op de iets te grote postduif. Maar aangezien zij eigenlijk een iets te grote prooi slaat kan zij er bijna niet mee wegvliegen. Het gevolg is dat de sperwer met duif en al op de grond duikelen niet ver van de plaats waar de duif zat. De sperwer valt bijna altijd aan vanuit een boom dicht bij het duivenhok. Zolang de duivenliefhebber bij zijn hok blijft staan en op het moment dat de duiven landen deze direct binnen roept is er niet veel aan de hand, gaat hij echter tien minuten naar binnen dan kan hij met een beetje pech één van zijn duiven dood naast het hok vinden. Winterjongen zijn de ideale slachtoffers van sperwers. Deze moeten naar buiten om de buurt te verkennen en precies in een periode dat Nederland overspoeld wordt door sperwers die op doortocht zijn naar hun broedgebied in Noord- Europa. Deze sperwers weten precies de duivenhokken met winterjongen nog te herinneren. Dus als u het slachtoffer bent van fanatieke sperwer aanvallen in februari in 2012 dan kunt u er vergif op in nemen dat dezelfde sperwer u in februari 2013 weer komt bezoeken.

Als u last heeft van een sperwer die in Nederland woont en broedt, is dit vaak maar een korte periode. Zodra het vrouwtje broedt, jaagt ze niet meer en laat zich dan door het mannetje van eten voorzien en dat mannetje kan hooguit een merel of spreeuw de baas. Mijn grootste frustratie is de buizerd. De buizerd is geen roofvogel die achter de duiven aanjaagt. De buizerd is namelijk niet in staat om een gezonde duif te verschalken. Maar toch verziekt hij meer en meer mijn geluk wat ik altijd heb gevonden in de duivensport. Zij wonen en leven in het zelfde bos waar ik ook woon. Daar is niets mis mee en dat recht hebben zij ook, alleen in combinatie met wedstrijdduiven is het een complete ramp. Dit jaar met veel wind op staart is er echter bijna geen vlucht bij waar ik geen grote hinder ondervind van deze roofvogels. Buizerds zijn bij meeste liefhebbers, wel bekend omdat ze langdurig op thermiek kunnen zweven. Bij mij gebeurt dat vaak vlak boven mijn hok. Oude wat ervaren duiven komen met tegenwind vaak laag over het land aanvliegen en duiken zonder te zien wat er boven ons bos zweeft recht op de klep. Maar die zelfde ervaren duiven die met wind mee hoog uit de lucht komen zien wel de buizerd boven het bos vliegen.Vaak tussen hun en het hok in en zolang die buizerd daar vliegt blijven zij ook vliegen. Wat twee of drie minuten vliegen uit maakt op een NPO vlucht met wind op staart hoef ik denk ik niet uit te leggen. Met jonge duiven is het echter nog veel gekker. Ook met wind op kop blijven de jonge duiven als de buizerd hier rond vliegt net zolang vliegen tot dat de buizerd verdwenen of ver genoeg weg is. Iedere duivenliefhebber zoekt erkenning in de duivensport dat is wat ons drijft. Het hoogst haalbare is een 1e NPO vliegen of de beste duif kweken van de hele afdeling.

Ik zal een verhaaltje vertellen wat een en dezelfde duif hier overkomen is. In 2008 leende ik een doffer voor de kweek van mijn duivenvrienden Evelien en Gero Dijk uit Alblasserdam. Ik kweekte er twee jongen uit, één werd er opgegeten door de havik en de andere overleefde. Dit doffertje de “261” liet als jonge duif direct al zien dat het een “echte” was. Hij vloog als jonge ongepaarde doffer al twee keer in de eerste 10 van onze kring op de wat verdere jonge duiven vluchten. Toen werd hij ingekorfd op een NPO vlucht van uit Creil. Het werd een prachtige vlucht en de “261” kwam als een raket precies uit de goede hoek aanvliegen. Toen hij nog maar enkele meters van de klep verwijderd was kreeg hij echter een havik achter zich aan. De “261”verdween met havik en al helemaal uit zicht en toen hij enkele minuten later hoog vliegend terug kwam duurde het nog wel een minuut voordat hij durfde te landen. Resultaat de “261”verspeelt na minuten vertraagd te zijn de 1e NPO van meer dan 14.0000 duiven.

Als tweejarige doffer stond diezelfde “261” na vijf midfondvluchten vanuit Creil bovenaan voor de titel beste asduif midfond Afdeling 5.Toen kwam de laatste vlucht, dat werd een vlucht vanuit Morlincourt (290 km) met flink de wind op de staart. Bij ons in Zuid-Holland worden dan ook gelijk de jonge duiven gelost vanuit hetzelfde station. Ik vloog van beide vluchten de 1e prijs toen de buizerd heel even pauze had. Toen kwam de buizerd terug en tevens enkele jonge en oude tegelijk en het hele spul jong en oud bleef minutenlang vliegen inclusief de “261”.Resultaat de “261”vliegt er op een vluchtje wat maar een paar minuten openstond finaal onderdoor. Ik kan nog een blad vol schrijven met dit soort voorvallen.

Wel leuk om eens van je af te kunnen schrijven, want de frustraties zijn bij mij tot ongekende hoogte gestegen. Terwijl ik dit schrijf heb ik gisteren 2 sportvrienden uit Groningen op bezoek gehad en we zaten heerlijk buiten over duiven te praten. Ondertussen konden zij vanaf mijn terras genieten van de talrijke roofvogels die Nederland rijk is. Elk kwartier vloog er wel eentje laag over mijn hok en stoven alle duiven vanuit de ren het hok in. Zelfs de toch zeldzame slechtvalk konden ze gisteren op een twintig meter afstand bewonderen. Wat de toekomst brengt weet ik niet, maar als ik weet dat dit zo door blijft gaan is de duivensport voor mij geen leuke sport meer om op dit adres te beoefenen. De frustraties zullen dan door extreme toename van de roofvogels alleen maar toenemen en of ik daar nog zin in heb betwijfel ik. 

 
Martin van Zon,  2012

Publiceren van artikelen op een andere website dan duivenverkoop.nl is niet toegestaan, delen op bijvoorbeeld Facebook of Twitter met een doorlink naar duivenverkoop.nl is wel toegestaan.
 

<< Terug

Coolbird, alles voor je duiven One Loft Racing World League Rohnfried Wonderpigeon Uw advertentie hier?

Laatste biedingen

Geen biedingen gevonden

Een losplaats aanpassen vanwege de windrichting moet niet mogen.

Stand na 324 stemmen:

Eens. (239) 74%
Oneens. (81) 25%
Weet niet/geen mening. (4) 1%

Archief