Wie de jeugd heeft... heeft de toekomst! - Martin van Zon

Wie de jeugd heeft... heeft de toekomst! door Martin van Zon

woensdag 25 mei 2016

Geen toekomst voor de duivensport dus, want de jeugd hebben we niet en die krijgen we ook niet. Al hebben we honderd commissies die duivensport promoten onder de jeugd. De jeugd hoort helemaal niet meer thuis in de duivensport. Het is onmogelijk voor een jeugdlid dat alles zelf moet bekostigen om ook maar enig positief gevoel aan de duivensport over te houden. Jeugd moet genieten van de aankomst van duiven, bij ouders of vrienden die goed presteren. Die succesvol zijn in onze sport, zodat deze positieve sfeer die dan ontstaat hun bij blijft, waardoor ze later als ze financieel onafhankelijk zijn misschien met de duivensport gaan beginnen. We kunnen de jeugd veel beter ontmoedigen om zelfstandig met duivensport te beginnen.

Frustrerend

Misschien zijn deze woorden erg frustrerend voor de commissie jeugd en beginnerzaken van de NPO. Maar dit heb ik ze al eens mondeling medegedeeld, dus mijn mening weten ze al. Ik zal in deze column uitleggen waarom ik zo ben gaan denken. Ik woon, zoals ik al eerder schreef, in een natuurreservaat. Geen buren en aan alle kanten van mijn huis water. Ik woon op een soort “schiereiland”. Toen ik hier nog niet zo lang woonde zag ik regelmatig iemand in een bootje aan komen roeien als ik met mijn duiven bezig was. In dat bootje zat een jongen van een jaar of twaalf met een grote bos zwarte krullen, een bruine kop en een stel ondeugende donkere ogen. Hij zat rustig een halfuur vanaf het water in zijn bootje naar mijn duiven te kijken. Toen ik in de gaten kreeg dat hij speciaal voor de duiven kwam maakte ik een praatje met hem. Hij vroeg mij het hemd van het lijf over 'postduiven'. Niet veel later stond hij bij mij achter en kreeg hij een rondleiding. Eerst liepen we langs de duivenhokken en niet veel later (toen ik zag hoe serieus hij was) nam ik hem mee het hok in. Hij stelde zich voor als Bram en hij woonde ongeveer 400 meter roeien bij mij vandaan. Bram was dus eigenlijk mijn buurjongen. Bram was een prachtig ventje om te zien en goed  bij de tijd. Hij had een sterke binding met de natuur en was geïnteresseerd in alle dieren. Elke vader zou ontzettend trots zijn op zo’n zoon. Bram kwam steeds vaker op bezoek en bleef maar vragen stellen over de duivensport. Zelden ben ik iemand van zijn leeftijd tegengekomen die zo vol van duiven was.

Zelf duiven houden

Bram kwam twee seizoenen lang iedere zaterdag genieten van de aankomst van de duiven. Toen kwam het hoge woord eruit: Bram wilde zelf duiven gaan houden. Ik vond dat natuurlijk prachtig... Wie de jeugd heeft heeft de toekomst! Toch? Een grotere vergissing kon ik niet maken. Bram vertelde mij dat hij van zijn vader toestemming had gekregen om postduiven te gaan houden, mits hij alles zelf zou gaan bekostigen. Maar hij had al flink wat dieren. Deze dieren moesten noodgedwongen verdwijnen, want die zaten nu in de schuur die omgebouwd moest worden tot postduivenhok. Dus de twee loop-eenden, de ganzen, de Vlaamse reuzen, de cavia’s en bijna zijn complete voorraad raskippen moesten verdwijnen. Dat koste Bram heel veel moeite, want deze dieren had hij al jaren, maar ja, de schuur werd duivenhok en er stond tegenover dat ik hem echte postduiven had beloofd. Een moeilijk dilemma, maar Bram was ondertussen een en al postduif dus bijna de hele voorraad kleindieren verween. Niet veel later vertrok hij bij mij vandaan met een roeiboot vol duiven accessoires: een spoetnik, schapjes, broedbakken,voerbak en een drinkbak. Bram en zijn vader maakten een prachtig duivenhok van de schuur, waar eerst de andere dieren in hadden gezeten. Toen het hok helemaal klaar was kwam het grote moment. Ik had Bram beloofd dat hij veertien jonge duiven mocht uitzoeken van mijn eerste ronde. Hij kwam elke dag kijken hoe de jonge duiven opgroeiden. Toen ik de hele ronde gespeend had kwam Bram op een zaterdagmorgen zijn jonge duifjes uitzoeken. Ik zie hem nog zo komen met zijn roeiboot waarin hij een gigantische groene kist verscheepte, dat bleek zijn zelfgemaakte duivenmand te zijn.

Niet te betalen

Bram mocht zoeken uit al mijn jonge duiven en de eerste die in de kist verdween was een bont doffertje en even later was ik al mijn bonte en witpennen kwijt. Bram ging met zijn nieuwe aanwinsten naar huis. Zelden zag ik meer geluk in iemands ogen als in die van Brammetje. Die zomer was Bram helemaal in de ban van de duivensport. Hij werd lid van 'De Witpen' in Gouderak. Ik kwam hem al snel tegen door de hele Krimpenerwaard tegen met zijn grote groene kist achter op zijn fiets. Hij was dan bezig met zijn duiven op te leren. Hij kwam regelmatig met een duifje bij mij langs om het te laten inspecteren. Ik leerde hem gekreukte pennen stomen en de duiven te ontluizen. Toen hij weer eens langs kwam was ik niet tevreden over de conditie van zijn duiven. De keeltjes waren te rood en de neusjes niet zo wit als ze eruit zouden moeten zien. Ik adviseerde Bram dan ook om ze voor het vliegseizoen een kuurtje te geven tegen de algemene jonge duiven ziektes. Bram vroeg of hij zo’n potje bij mij kon kopen en dat was geen probleem, want ik heb altijd wel wat medicijnen achter de hand. Toen Bram even later uit beleefdheid vroeg wat het potje kostte zag ik hem wit wegtrekken. Zoveel geld voor zo’n klein potje… daar moest Bram drie weken kranten voor rondbrengen. Ik merkte toen voor het eerst dat alle kosten die hij moest maken voor zijn duifjes veel en veel te veel waren voor een veertienjarige. De duivensport is gewoon zo duur geworden dat het voor kinderen, maar ook voor mensen met een A.O.W zonder extra pensioen, gewoon niet meer te betalen is. Maar Bram liet zich niet ontmoedigen en kluste er vrolijk op los om toch mee te kunnen vliegen. Eindelijk was het dan zo ver dat hij zijn duifjes voor de eerste vlucht naar het inkorflokaal kon brengen. Hij had zijn jonge duiven op de fiets tot bijna in Rotterdam gebracht en was er helemaal klaar voor.

Nooit op de uitslag

Bram fietste met zijn grote groene kist vol duiven achter op zijn fiets voor de eerste keer naar Gouderak en zijn duifjes werden daar met zorg ingekorfd. De liefhebbers van PV 'De Witpen' vonden het natuurlijk allemaal prachtig. Zo’n jong mannetje dat lid werd van hun club… dat is toch geweldig! Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Toch?
Ook zij bleken (net als ik) een grote vergissing te maken, zo zou al gauw blijken. Ik was in die periode lid in Schoonhoven dus heb ik het hele verhaal wat afspeelde in de club in Gouderak niet van dichtbij meegemaakt. Maar ik vergeet nooit die teleurgestelde ogen van Brammetje als ik hem vroeg hoe het gegaan was na afloop van iedere vlucht. Bram heeft een jaar lang iedere week ingekorfd. Het jaar daarop is hij, halverwege het seizoen, met de oude duiven afgehaakt.
Waarom? Bram heeft nooit, zelfs niet een keer, op de lijst gestaan. Kunt u zich voorstellen hoe dat is? Hoe dat voelt? Een jaar lang, elke week, al je zakcentjes inleveren? ’s Morgens vroeg op staan, want de duiven moesten voor school nog verzorgd worden. Al dat werk wat hij er in stak en dan nooit een prijs vliegen. Nooit een keer op de lijst staan. Frustratie op frustratie.
Ik las ergens dat de NPO denkt dat de jeugd het meedoen aan de duivensport belangrijker vindt dan het resultaat. Nou ik weet niet wie dit bedacht heeft, maar dit klopt absoluut niet. De jeugd wil juist resultaat zien en anders zullen ze snel een andere hobby kiezen.

Geen schijn van kans

Achteraf gezien had ik Bram uit zijn hoofd moeten praten om duivenmelker te worden, maar zo is het met veel dingen. Achteraf, als het te laat is, kunnen we alles zo simpel verklaren. Zo’n mannetje als Bram had geen schijn van kans in een competitie tegen topliefhebbers als Gebroeders van de Heuvel, Starrevelt en zoon, Zuiderhoek en co. Ik noem zo maar een paar namen op van het ledenbestand van PV 'De Witpen' in Gouderak. Stuk voor stuk kampioenen met een schat aan ervaring die regelmatig de beste uitslag maakten van de hele kring 'Gouwe en IJssel'. Misschien als Bram in Gouderak had gewoond dat er af en toe nog eens een duifje in een koppeltje mee naar huis was gevlogen. Maar Bram had ook zijn woonplaats nog tegen. Niet zo heel lang geleden kwam ik Bram tegen, hij was bij zijn ouders op bezoek geweest. Nu is Bram een volwassen man en aan zijn auto te zien had hij zijn zaakjes goed voor elkaar. We hadden een kort gesprek en ik zag opnieuw het verdriet in zijn ogen toen we het eventjes over zijn duivenverleden hadden. Ik moet me sterk vergissen, maar ik denk dat Bram nooit meer duiven gaat houden. Frustraties in zijn jeugd als duivenliefhebber liggen daar aan ten grondslag.

Kinderen horen niet thuis in de duivensport

Ik ben drie jaar geleden tijdens een forumavond in Akersloot, Jikke Liefting tegen het lijf gelopen. Jikke is iets jonger dan dat Bram was tijdens zijn duivencarrière. Toen Jikke bij mij voor de eerste keer op bezoek was, moest ik onophoudelijk aan Bram denken. Jikke en Bram lijken precies op elkaar. Ik herkende in beiden een soort jeugdig onschuldig, prachtig duivenfanatisme. Jikke heeft wel kans van slagen in de duivensport. Dit omdat hij steun en hulp krijgt van zijn ooms. Zijn ooms zijn liefhebbers  die goed met duiven spelen en hem veel werk en kosten uit handen nemen. Dan heeft Jikke nog een vader (geen duivenliefhebber) die hem financieel bijspringt als het echt nodig is. Het is alleen niet te hopen dat Jikke’s vader nog meer kinderen heeft die duiven willen gaan houden. Anders kan hij er nog wel een baan bij nemen. Jikke is wel een goed voorbeeld van hoe de jeugd (behoorlijk zelfstandig) in de duivensport een kans van slagen heeft. Jeugd zoals Brammetje, die zich alleen in de duivensport storten zijn helemaal kansloos. En als een dergelijk mannetje of meisje het toch wil proberen moeten we dit gewoon afraden om grote frustraties te voorkomen. De jeugd positief bij de duivensport betrekken is prima, maar laat ze genieten van de successen van anderen. Als er uiteindelijk een duif in hun hart komt, dan kunnen zij misschien later (als ze genoeg geld hebben) succesvolle duivenliefhebbers worden. Daarom zie ik helemaal niets in activiteiten die ten doel hebben kinderen in de duivensport te loodsen. Hoe goed ook bedoeld: kinderen horen vandaag de dag niet meer thuis in de duivensport.

Jeugdcompetities plunderen

En die jeugdcompetities dan? Ook daar heb ik een mening over die misschien niet bij iedereen in goede aarde zal vallen.
Twee jaar terug kreeg ik een telefoontje van een jongetje uit het Noorden van het land. Hij had een duifje van mij opgevangen en vertelde dat hij jeugdlid was en… of hij het duifje misschien mocht houden. Toen hij het nummer van de duif doorgaf bleek het één van mijn beste jonge duivinnen te zijn. Ik maakte een afspraak met het jongetje om de duif op te halen. Samen met een vriend arriveerde ik na een paar uur rijden op het bewuste adres. We werden door de ouders uitgenodigd om in de tuin een kopje koffie te drinken. En tijdens het gesprek met de vader en moeder bleek al gauw dat zij de echte duivenliefhebbers waren. Vader vertelde mij dat hij elke morgen de jonge duiven wegbracht voor een trainingsvluchtje en dat hij de duiven voerde. Hij liet de duiven aan mij zien en ik zag daar een prachtige duiven accommodatie waar menig seniorlid jaloers op zou worden. Toen een half uur later het jeugdlid zelf even naar buiten kwam en mij een handje gaf wist ik het helemaal zeker. Dit was geen Brammetje of Jikke, maar gewoon een jongetje dat duiven leuk vond en jeugdlid was gemaakt.
Maar de echte trieste grote miskleun van de jeugdcompetities tot nu toe is het verhaal van een wat oudere duivenmelker uit Schoonhoven. Deze ervaren duivenmelker zette van de ene dag op de andere, zijn hele grote kolonie duiven op de naam van zijn kleinzoon. Jarenlang heeft hij vervolgens onder het pseudoniem van zijn kleinzoon alle jeugdcompetities geplunderd.
Deze kleinzoon heeft zich al die jaren amper in de duivenclub laten zien. Ik heb ooit eens een bestuurslid van die bewuste duivenclub in Schoonhoven hierop aangesproken. Hij wist dat die kleinzoon niets met duivensport te maken had en vond het ook verschrikkelijk. Hij vertelde mij dat hij contact had gezocht met een NPO bestuurder over deze kwestie, maar volgens deze NPO bestuurder was hier niets aan te doen. Ik geloof er helemaal niets van dat aan deze vorm van (wat mij betreft) 'fraude' niets te doen is. Maar het is toch werkelijk ongelooflijk dat dit misschien wel een kleine tien jaar zo heeft kunnen doorgaan en dat niemand deze man tot de orde geroepen heeft. Een van mijn beste duivenvrienden kreeg een aantal jaren geleden deze kleinzoon over de vloer. Hij vroeg hem op de man af wat zijn aandeel was geweest in de duivensport met zijn opa. 'Alleen in de winter met mijn opa de prijzen op halen', was zijn antwoord. Dit soort excessen zijn geen uitzonderingen en komen meer voor. Dus wat mij betreft: geen zelfstandige jeugd in de duivensport en geen jeugdcompetities als we dit soort “vals spel” niet uit kunnen sluiten.
Laten we ons maar druk maken om de oudere liefhebbers. Als zij de duivensport allemaal weer als positief gaan ervaren dan zullen zij genoeg positivisme uitstralen naar hun kinderen en hun vriendjes. Die dan vervolgens als ze volwassen zijn met een beetje geluk misschien ook met onze mooie sport beginnen.

© Martin van Zon, 2012
Publiceren van artikelen op een andere website dan duivenverkoop.nl is niet toegestaan, delen op bijvoorbeeld Facebook of Twitter met een doorlink naar duivenverkoop.nl is wel toegestaan.

<< Terug

Wonderpigeon Rohnfried Coolbird, alles voor je duiven One Loft Racing World League Uw advertentie hier?

Laatste biedingen

Geen biedingen gevonden

Doet u aan winterkweek?

Stand na 39 stemmen:

Ja (21) 54%
Nee (18) 46%

Archief