Wat een weer - Falco Ebben

Wat een weer door Falco Ebben

dinsdag 25 oktober 2016

De laatste weken, of moet ik haast zeggen maanden, is het weer bij ons in het duivenlokaal het favoriete gespreksonderwerp. Hebben we de hele maand juni en juli  op onze favoriete vluchten (de eendaagse fond) ‘waaivluchten’ gehad,  halfweg juli  werd het nog erger. Toen was het geen bron van ergernis meer dat de vluchten ‘te snel’ en ‘te makkelijk’ verliepen, maar het tegendeel het geval.
Het spel met de jongen begon met op veel hokken opnieuw verliezen tot gevolg. Bij ons stonden de eerste jonge-duivenvluchten als laatste gepland. Andere afdelingen in Nederland waren al vijf weken bezig (de democratie in de duivensport is niet te begrijpen, er worden niet landelijk maar op afdelingsniveau belangrijke besluiten genomen) toen wij de eerste vlucht zouden vervliegen. Dat was op 30 juli, maar onze afdeling besloot niet te lossen terwijl veel andere afdelingen dat wél deden. Iedere afdeling heeft een eigen lossingscommissie, de een wat bekwamer dan de ander, met tegenstrijdige besluiten en soms risicovolle lossingen tot gevolg.

Lossingsverantwoordelijken
Willem de Bruijn uit Reeuwijk is lossingsverantwoordelijke in Afdeling 5/Zuid-Holland en uit op zijn website op 6 augustus zijn ongenoegen over de lossing van zaterdag: “Het begon al met de Noord-Hollandse duiven, die vlak voor en tijdens het vallen van de eerste duiven overtrokken. Hoewel vanochtend met het IWB een lossingsvolgorde was afgesproken, namelijk Afdeling 12/De Kuststrook om 7.15 uur in Peronne, wij om 07.30 uur in Nanteuil, Afdeling 2/Midden-Brabant in Creil om 07.45 en Afdeling 6/Noord-Holland om 07.30 in Laon, was onze verbazing groot, dat Afdeling 6 pas om 08.05 uur in Laon loste, zodat een vermenging van de Zuid- en Noord-Hollandse duiven onvermijdelijk bleek. Is dit nu toeval, dommigheid, pech of moedwil?? Ik begrijp er in ieder geval niets van. Laten we dan met zijn allen op eenzelfde losplaats gaan staan en ze allemaal tegelijk lossen. Scheelt een hoop overleg van te voren en is een juist lossingstijdstip veel makkelijker te bepalen. De ongewenste vermenging gebeurt helaas te vaak om mijns inziens van toeval te spreken. Door de harde wind van achter hadden onze duiven het extra moeilijk om tegen de wind in terug te keren, hetgeen weer extra verliezen in de hand werkt.”
Bovenstaande situaties vinden in Nederland plaats, maar ik denk ook in Duitsland. In Nederland is vorig jaar het document ‘Vlucht naar de Toekomst’ gelanceerd. Daarover heeft u in dit blad kunnen lezen. Daarin staat ook vermeld dat er een centrale lossingscommissie moet komen voor heel  Nederland. Deze moet voorkomen dat er kruislossingen komen en dat de afdelingen niet meer voor hun eigen belangen gaan. Nu is het zo dat men eerst aan zichzelf denkt en als een andere afdeling daar de dupe van wordt, ach, het zij zo.
Helaas is het zo dat het omtrent de ‘Vlucht naar de Toekomst’ stil is in Nederland. Het vorige, vooruitstrevende NPO-bestuur, heeft plaatsgemaakt voor voorzitters  van de afdelingen die het nu voor het zeggen hebben.

Verliezen jonge duiven
Onze afdeling start dus zoals gezegd pas op 30 juli met de jonge duiven (vergelijkbaar met het Duitse programma). Door deze late startdatum proberen ze de verliezen binnen de perken te houden. Ik had al mijn twijfels, ik ken verschillende Duitse liefhebbers en ik weet dat verliezen met jonge duiven op de eerste vluchten ook bij jullie niet onbekend zijn.
Toen de eerste afdelingen half juni startten met het opleren van de jongen waren er opvallend genoeg weinig verliezen. Het weer was toen ook nog goed. De meeste afdelingen begonnen begin juli op te leren en door veel liefhebbers werd veel geklaagd. Ook in onze afdeling zijn de leden niet van verliezen gevrijwaard gebleven. Integendeel, onze afdeling begon toen het de weersomstandigheden niet slechter konden zijn en daardoor is het vooral op hokken waar mensen weinig werk maken van het opleren van hun jongen slecht afgelopen.
In mijn vorige bijdrage vertelde ik al hoe ik denk dat de verliezen beperkt kunnen worden en hoe ik mijn eigen jongen voorbereid. Op eigen adres ben ik dit jaar op de(opleer) vluchten slechts drie duiven verspeeld. Wij hebben nog maar één klokvlucht achter de rug, maar mijn jongen hebben inmiddels al vijf keer in de mand gezeten met een opleervlucht van de club, danwel (een andere) afdeling.
Als men in de toekomst de verliezen met jonge duiven wil beperken kan dat mijn inziens alleen door op tijd te beginnen en flexibeler met de losdata om te gaan. Dus meer en snellere communicatie met de leden waardoor een jonge-duivenvlucht die bijvoorbeeld op zaterdag stond gepland naar de maandag wordt verschoven. Door op tijd te beginnen kan men ook wat vaker een vlucht af/inlassen als dat nodig is.
Let wel;  jonge duiven zijn onze toekomst en niemand is ermee gebaat als er (veel) verloren gaan. Bovendien kunnen we het niet verkopen aan de buitenwereld als er onacceptabel veel duiven wegblijven. Daarom is het van groot belang dat we op een juiste en verantwoorde manier met onze jonge duiven omgaan  en liefhebbers die het niet zo nauw nemen op hun verantwoordelijkheid wijzen.
Falco Ebben
Geschreven voor Brieftaubensport International, juli 2011
 
 
 

<< Terug

Coolbird, alles voor je duiven Rohnfried One Loft Racing World League Wonderpigeon Uw advertentie hier?

Laatste biedingen

Geen biedingen gevonden

Een losplaats aanpassen vanwege de windrichting moet niet mogen.

Stand na 93 stemmen:

Eens. (67) 72%
Oneens. (24) 26%
Weet niet/geen mening. (2) 2%

Archief